Revision [477]

Last edited on 2013-02-20 14:49:33 by inhoudenvorm
Deletions:
{{exemplum
auteur="Lutherse stadsraad van Neurenberg"
werk=""
periode="Reformatie"
stijl="negatieve interne religiekritiek"
}}
""
<blockquote>
LEUK CITAAT NOG INVOEREN
</blockquote>
""
// (The estate of marriage, 1522, Luther’s Works XLV, pp 17-49)//


Revision [348]

Edited on 2013-02-11 15:59:11 by inhoudenvorm
Additions:
=====Achtergronden - Maatregelen van de Lutherse stadsraad tegen het klooster=====
Deletions:
=====Maatregelen van de Lutherse stadsraad tegen het klooster=====


Revision [342]

Edited on 2013-02-11 15:43:56 by inhoudenvorm
Additions:
{{exemplum
Deletions:
{{exempla


Revision [341]

Edited on 2013-02-11 15:43:22 by inhoudenvorm
Additions:
{{exempla
Deletions:
{{achtergronden


Revision [340]

Edited on 2013-02-11 15:42:24 by inhoudenvorm
Additions:
=====Maatregelen van de Lutherse stadsraad tegen het klooster=====
{{achtergronden
auteur="Lutherse stadsraad van Neurenberg"
werk=""
stijl="negatieve interne religiekritiek"
LEUK CITAAT NOG INVOEREN
Aan het einde van het jaar 1524 kreeg het St. Klara klooster direct te maken met de gevolgen van de protestantse Reformatie. Het was abdis Caritas Pirckheimer ter oren gekomen dat de Neurenbergse stadsraad van plan was de broeders van de orde der Franciscanen, die voor de nonnen van St. Klara preekten en de sacramenten verzorgden, de toegang tot het klooster te ontzeggen. Om te preken zouden vanaf dat moment door de stadsraad geestelijken naar het klooster gestuurd worden die het Lutherse gedachtegoed aanhingen, in de hoop de nonnen zo voor het nieuwe geloof te winnen. Na het zogenoemde Religionsgespräch van 3 tot 14 maart 1525, en het officieel kenbaar maken van de bekering van de stad tot het lutheranisme, volgden nieuwe maatregelen. De stadsraad kwam met vijf eisen waaraan de nonnen van St. Klara en het Neurenbergse Dominicanessen klooster St. Katharina gehoor moesten geven. Ten eerste moest de abdis de zusters van hun kloostergeloften bevrijden. Daarnaast moest elke non vrij zijn om het klooster te verlaten en hadden ouders het recht hun dochters, al dan niet met hun instemming, uit het klooster te verwijderen. De derde eis behelsde een verbod op het dragen van het habijt; voortaan moesten de nonnen in wereldlijke kledij gehuld gaan. De vierde eis betrof de installatie van kleine speekramen zodat familieleden en andere bezoekers de nonnen tijdens een bezoek aan het klooster ook daadwerkelijk zouden kunnen zien en tevens zouden kunnen controleren of er een andere zuster het gesprek meeluisterde. Als vijfde eis moesten de nonnen een inventaris opstellen van de bezittingen van het klooster. De zusters kregen vier weken de tijd om aan de eisen van de stadsraad gehoor te geven.
Op het eerste gezicht lijkt het er misschien op dat de stadsraad het klooster in een aangepaste vorm liet voortbestaan, maar omdat er ook een verbod kwam op het aannemen van nieuwe novices, zou het klooster uiteindelijk tot uitsterven zijn gedoemd. Daarnaast moet de impact van de door de stadsraad gestelde eisen en maatregelen niet onderschat worden. Het ging hier om veranderingen die essentiële elementen van het religieuze leven van de nonnen ernstig geweld aandeden: de kloostergeloften, de clausuur, en het uitdragen van de gemeenschapsgeest werden door deze maatregelen direct aangetast. Daarbij ging het hier niet alleen om de religieuze overtuiging van de zusters die werd aangevallen, maar werd de manier van leven die voor de nonnen van het St. Klara klooster vertrouwd en veilig was, totaal op zijn kop gezet. Die Denkwürdigkeiten is dan ook doordrongen van de angst die de dreiging van deze maatregelen bij de nonnen losmaakte. Ondanks de druk die de stadsraad op het klooster uitoefende, besloten abdis Caritas Pirckheimer en haar nonnen niet stilzwijgend in te binden en vochten zij tegen deze door de stadsraad opgelegde maatregelen.
Deletions:
=====Gevolgen van de Lutherse kritiek voor het kloosterleven=====
{{exemplum
auteur="Maarten Luther"
werk="The Estate of Marriage"
stijl=""
De andere reden [om het klooster te verlaten] is het vlees.
Geluiden over misstanden binnen religieuze gemeenschappen, en zo ook in vrouwenkloosters, bestonden al lang voor Luther zijn ideeën hierover uitdroeg. Zij werden tijdens de gehele Middeleeuwen gehoord en hadden onder andere geleid tot de religieuze hervormingen van de 15de eeuw. Nu versterkten deze geluiden de Lutherse opvattingen met betrekking tot het kloosterleven. Zo preekte Luther ‘De andere reden [om het klooster te verlaten ed.] is het vlees. Hoewel vrouwen zich schamen om zulke zaken toe te gaven, leren zowel de Schrift als ervaring dat onder vele duizenden er niet één is aan wie God de deugd heeft geschonken om pure kuisheid te handhaven. Haar ledematen, door God hiervoor voorbestemt, demonstreren dit ook. Dit is net zo natuurlijk als eten en drinken, slapen en wakker worden. Het is door God gecreëerd, en hij wil ook datgene wat natuurlijk is. Dat is dat man en vrouw samen zijn in het huwelijk. (vert. Maarten Luther, The estate of marriage, 1522, Luther’s Works XLV, pp 17-49) Luther meende dus dat man en vrouw zich niet in het klooster moesten opsluiten in een, vaak tevergeefse, poging hun kuisheid te behouden, maar dat zij samen het huwelijk aan moesten gaan, zoals God het bedoelt had.
Toen Luther’s ideeën zich in de eerste helft van de 16de eeuw verspreidde, en steeds meer Duitse steden zich bij de Reformatie aansloten, leidde dit ertoe dat steeds meer Lutheraanse stadsraden de kloosters in hun steden wilden zien sluiten. Toch kwam het in veel gevallen niet tot onmiddellijke sluiting. Mede omdat veel van deze vrouwenkloosters (waaronder ook het St. Klara klooster in Neurenberg) vrouwen uit vooraanstaande families herbergden, wat de kloosters een bepaald aanzien en prestige gaf. Ook waren de families van de nonnen lang niet altijd blij met het idee om de relatief hoge kosten van een bruidschat te moeten betalen om hun dochters die uit het klooster kwamen een huwelijk te kunnen laten sluiten. Sommige nonnen omarmden de Lutherse leer vrijwillig en verlieten het klooster. Ook waren er nonnen die zich bekeerden, maar wel in een gemeenschap bleven leven, bijvoorbeeld in de zogenoemde Damenstiften. Er waren echter ook kloosterbewoners die zich tegen de sluiting van hun klooster verzette. Zo ook in het geval van het St. Klaraklooster in Neurenberg waar Caritas Pirckheimer abdis was. Dergelijk verzet had soms tot gevolg dat onmiddellijke sluiting van het klooster voorkomen kon worden, maar het uiteindelijke uitsterven van het klooster meestal niet.


Revision [339]

The oldest known version of this page was created on 2013-02-11 15:39:50 by inhoudenvorm
Valid XHTML :: Valid CSS: :: Powered by WikkaWiki