Kritiek op martelaren van Córdoba

In het kort

Wie? Sint Eulogius (voor 819--11 maart 859)

Waar en wanneer?
Periode: 856.
Context: Córdoba, Al-Andalus (hedendaags Spanje)

Hoe?
Medium: Geschrift.
Positionering: Interne religiekritiek.
Stijlmiddel(en): Veroordelen.
Genre: Veroordeling.

Wat?
Voorwerp van kritiek: De martelaren van Córdoba.
Doel van de kritiek: Nep martelaarschap van echt martelaarschap scheiden.
Grond(en) van kritiek: Martelaarschap is niet echt.




"Als u gelooft dat dit echt martelaarschap is, […] waarom dan zijn uw medeplichtigen noch aangekondigd in de terreur van voorspellingen, noch schitterend met tekenen voor de verbazing van de menigten?”


Origineel: “Hoc esse martyrium creditis, […] quare non satellibus qualemcumque prodigiorum infertis terrorem vel quibuslibet adstanti vulgo signaculis coruscatis?”

Bron: Eulogius, Memoriale Sanctorum, I.12, ed. J. Gil, Corpus Scriptorum Muzarabicorum II (Madrid, 1973), pp. 378-379.


Deze uitspraak is door Sint Eulogius opgeschreven, maar bevat kritiek van christenen op de de martelaren van Córdoba. Eulogius legt in zijn werk de kritiekpunten van deze christenen uit en probeert deze daarna te weerleggen. De kritiek was onderbouwend en veroordelend, omdat de martelaren volgens deze christenen niet aan de voorwaarden van martelaarschap voldeden.
Uit zijn werken blijkt dat Eulogius voornamelijk bezig was met het verdedigen van het martelaarschap van de martelaren van Córdoba. Doordat er zo weinig bronmateriaal over is uit deze periode, kennen we de kritiek op de martelaren alleen uit de geschriften van Eulogius. Over de identiteit van de leveraars van kritiek weten we het volgende: dit waren geleerden (peritissimi) en christenen (zie Eulogius tegen christenen).
De geleerde christenen hadden een ideaalbeeld van hoe christelijk martelaarschap zou moeten zijn, dat overeenkwam met hoe de eerste christenen werden geëxecuteerd onder het gezag van de Romeinen. Een martelaar moest volgens dit ideaalbeeld aan drie dingen voldoen. Een martelaar zou aangekondigd moeten zijn en zou wonderen moeten verrichten, dan wel in het leven of na de dood, zoals hierboven in het exemplum te lezen is. Dit was bij de martelaren van Córdoba niet het geval. Ten tweede moesten martelaren een pijnlijke dood sterven. De martelaren van Córdoba waren geëxecuteerd met een zwaard, wat snel en zeker niet pijnlijk genoeg was. Ten slotte moest een martelaar religieus onderdrukt worden. In Al-Andalus was iedereen vrij om zijn of haar religie uit te oefenen, al hadden moslims wel veel privileges ten opzichte van christenen (zie Córdoba omstreeks 850). De martelaren van Córdoba werden immers niet geëxecuteerd omdat ze het christendom aanhingen, maar omdat ze de islam en de profeet zo hard aanvielen. Dit was dus een heel andere situatie dan die in het Romeinse Rijk, waar christenen werden vervolgd en daarmee werden gedwongen ofwel christelijk te blijven en daardoor als martelaar te sterven, of zich te bekeren.

There are no comments on this page.
Valid XHTML :: Valid CSS: :: Powered by WikkaWiki