Wiki source for Jan Siebelink Knielen op een bed violen 2


Show raw source

=====De Ceremonie=====
{{exemplum
versie="anco_peeters"
auteur="Jan Siebelink"
werk="Knielen op een bed violen"
periode="Heden"
context="X"
medium="Geschrift"
genre="Monoloog"
stijlmiddel="Retorische vraag"
positionering="Interne religiekritiek"
doel_van_kritiek="Veroordeling"
voorwerp_van_kritiek="Opvattingen, overtuigingen, Menselijke levenswijze/houding, Heilsverwachting"
gronden="Autoriteit/autoritair, Humanisme, Lust/vrijheid, Onmacht, Vrees/bestaansangst, Waardigheid"
soorten_argumenten="X"
}}

""
<blockquote>
“Had je niet willen opstaan om het uit te gillen: Laat me met rust. Niets wil ik meer met jullie te maken hebben! Hans Sievez, had je niet het gevoel dat tegen je beraamd werd, dat die zo wonderlijke verschijning op de tuin – wie kon daar aan tippen? – tegen je gebruikt werd, dat ze je wilden betrekken bij hun geheime spel waaruit ontsnapping menselijkerwijs gesproken niet meer mogelijk was? Steeg, met het donkere kloppen van het bloed aan je slapen, niet dat hele precieze, kinderlijke gevoel van afkeer en haat op dat je zo goed gekend hebt, en bij je draagt?“
</blockquote>
""
Bron: Jan Siebelink, //Knielen op een bed violen//, De bezige bij, Amsterdam 2005, blz.197.

==Over Siebelinks duiding van religieus sektarisme==
Jan Siebelink (1938) is een Nederlandse schrijver en essayist. Hij groeide op in een strenggelovig christelijk gezin. Hij werd leraar Nederlands en Frans en schreef verscheidene boeken en essays. Zijn bekendste boek is //Knielen op een bed violen// (2005) dat is geïnspireerd door zijn betrokkenheid bij de godsdienstige kring van zijn vader. Inmiddels schreef hij een vervolg: //Margje// (De bezige bij, Amsterdam 2015). Dit citaat is afkomstig uit een korte monoloog van de verteller vlak na de ceremonie waarmee Hans Sievez officieel tot de religieuze gemeenschap behoort. Door het visioen dat hij kreeg hoort Hans volgens de predikers bij de uitverkorenen, en zij gebruiken dit als aanleiding om hem in de groep te initiëren. De verteller voert een innerlijk stem op die een contrast laat ontstaan aan de dwang waaraan de volwassen Sievez bloot staat en een kinderlijk oergevoel dat hem waarschuwt voor de stap die hij gaat zetten.

==Analyse==
De predikers vormen een fictieve groepering in het boek, gebaseerd op een piëtistische stroming. Het piëtisme is een verzamelnaam voor een aantal protestantse bewegingen die voornamelijk in de 17e en 18e eeuw in Noordwest-Europa voorkwamen. De beweging ontstond uit onvrede met de veranderingen in de Reformatie, die volgens de piëtisten niet ver genoeg gingen. Er lag een sterke nadruk op het individu. Hierdoor lijkt er nauwelijks meer sprake te zijn van een gemeenschap van gelovigen. In //Knielen op een Bed Violen// komt – naast de verteller – enkel de hoofdpersoon en het verbrokkelde groepje predikers voor. Een ander speerpunt van het piëtisme is de nadruk op de genade van God en het al dan niet uitverkoren zijn.
De predikers betrekken Hans bij de groep en houden hem daar vanuit de twijfel en angst die Hans ervaart rond de vraag of het visioen inderdaad betekende dat hij door God is uitverkoren. De verteller heeft hier dus kritiek op het gebruik van religie als bron van angst, wat de reden was dat “ontsnapping menselijkerwijs gesproken niet meer mogelijk was”. De piëtistische stroming waar de religieuze groepering in het boek van is afgeleid draaide bijna geheel om de vraag of je door God was uitverkoren of juist verworpen – iets waar je zelf geen invloed op kon uitoefenen. (1) Het was echter wel mogelijk dat er aanwijzingen waren dat je was uitverkoren; Hans’ visioen in //Knielen op een Bed Violen// wordt door de predikers in het boek als zo’n aanwijzing geduid.
Hans twijfelt er echter bijna het gehele boek aan dat hij inderdaad is uitverkoren, is constant bang om dit toch niet te zijn. Hij twijfelt niet zozeer aan het visioen zelf, maar aan de betekenis die de predikers het hebben gegeven. Ook daarin komt weer naar voren dat deze religie en bron van angst en twijfel is voor Hans. Verder speelt ook het idee dat God Almachtig is en de mens Niets. Dit idee bezorgt Hans een enorm schuldgevoel, een gevoel dat hij nooit goed genoeg zal zijn in de ogen van God. Dit besef lijkt Hans constant te achtervolgen. Dit is hem al in zijn jeugd aangeleerd door zijn vader, die ook dergelijke gedachten aanhing, maar het verergert tot extreme hoogten onder invloed van de predikers. Rob Schouten verwoordt dit als “de bangmakende invloed van het piëtistische denken” (2) die Sievez in haar greep houdt, versterkt door de beangstigende preken van de predikers.
Het is vooral dit gevoel, de enorme angst en onmacht die Hans ervaart, waar //Knielen op een Bed Violen// over lijkt te gaan, en tegelijk is het boek er zeer negatief en afkeurend over. Hierin weerklinkt ook een deel van de kritiek op de manipulaties van de predikers. Zoals uit de hierboven geciteerde passage duidelijk wordt, stelt de verteller dat Hans’ visioen door de predikers misbruikt wordt om Hans bij de groep te betrekken. Zij draaien dit visioen, een voor Hans zeer positieve ervaring, om tot een bron van de angst die zij uitdragen.

==Bronnen==
(1). A. van Harskamp, Van onmacht, angst en… religie, Hans Sievez en de godsdienstsociologie van Peter Berger, in: E. Koster & W. Stoker (red.), Roman en Religie, bespiegelingen over godsdienst in ‘Knielen op een bed violen’, Uitgeverij Meinema, Zoetermeer, 2009, p. 25.
(2). Rob Schouten, En had de liefde niet, beschouwingen over knielen op een bed violen, De Bezige Bij, Amsterdam, 2006, p.159
Valid XHTML :: Valid CSS: :: Powered by WikkaWiki