Een waarachtig theïsme (David Hume)

In het kort

Wie? David Hume (7 mei 1711--25 August 1776)

Waar en wanneer?
Periode: Verlichting.
Context: X

Hoe?
Medium: geschrift.
Positionering: interne religiekritiek.
Stijlmiddel(en): .
Genre: wijsgerig betoog.

Wat?
Voorwerp van kritiek: onredelijke denkbeelden over God.
Doel van de kritiek: verdediging waarachtig theïsme.
Grond(en) van kritiek: onwaarheid.



“De gehele structuur van de natuur wijst op een intelligente schepper en geen enkele rationele onderzoeker kan na ernstige reflectie zijn geloof in de eerste beginselen van een waarachtig theïsme en van de religie ook maar voor een ogenblik opschorten.”

Bron: David Hume, De natuurlijke geschiedenis van de religie, Agora/Pelckmans, Baarn/Kapellen 1999, blz.71 (Inleiding).

Over David Hume en zijn oeuvre
David Hume (1711-1776) was een Schots Verlichtingsfilosoof, met name bekend vanwege zijn kentheoretische en ethische werken. Hij wordt door velen gezien als een radicaal empirist en scepticus. Volgens Hume kan de mens enkel uit zijn ervaringen kennis vergaren. Deze ervaringen deelt hij op in twee soorten: impressies en ideeën. De impressies zijn afkomstig uit de externe wereld, bijvoorbeeld het zien van een object. De ideeën zijn interne herinneringen aan bepaalde impressies, bijvoorbeeld de herinnering aan hoe het voelt om je te snijden. Hume stelt dat er geen objectieve rationele basis bestaat voor de ethiek. Oordelen over goed en kwaad zijn afkomstig uit wat mensen ervaren als nuttig en aangenaam. Zodoende is de grond van de ethiek ook niet de rede, maar het gevoel.
Hij heeft ook twee werken geschreven over religie. Het in 1757 uitgegeven The Natural History of Religion en het postuum (1779) uitgegeven Dialogues concerning Natural Religion. Het onderstaande fragment is afkomstig uit The Natural History of Religion. In dit werk gaat Hume op zoek naar de oorsprong van religie in de mens. Het exemplum laat zien dat Hume’s ‘ware theïsme’ als maatstaf dient op grond waarvan andere vormen van religie bekritiseerd worden.

Analyse
Voor een goed begrip van zijn religiekritiek is bovenstaand citaat de belangrijkste zin in David Hume’s The Natural History of Religion (NHR). Helaas is het ook deze zin die veelvuldig over het hoofd wordt gezien. Hume zal namelijk in latere geschriften deze ‘intelligente schepper’ ontkennen. Vanuit die positie, een positie waar geen waarachtig theïsme bestaat, lezen veel mensen dan ook NHR. Dit leidt echter tot grote misverstanden met betrekking tot de religiekritiek die Hume uit in NHR.
Hume heeft namelijk geen kritiek op de religie op zich, maar een kritiek op de geleefde religie, de historisch-positieve religie. Deze religie vindt zijn oorsprong in de passies van de mensen. Hoop en vrees zijn er de voedingsbodem van, volgens Hume. Van het polytheïsme, met vele goden die allerlei menselijke trekken hebben, komt de mensheid tot het monotheïsme. Eén van de goden wordt de baas over alle andere goden en alleen deze god wordt uiteindelijk nog vereerd. Er worden menselijke trekken toegeschreven aan een van de polytheïstische goden, machtswellust en alleenheerschappij, die leiden tot het historisch-positieve monotheïsme. Dit monotheïsme is voor Hume dan ook geenszins een waarachtig theïsme.
Zoals we in het citaat kunnen lezen is een waarachtig theïsme gebaseerd op een redelijk, rationeel onderzoek van de wereld. Wanneer men, volgens Hume, naar de wereld kijkt en haar onderzoekt, is er geen andere conclusie mogelijk dan dat er wel een god moet zijn, één enkele god, die de wereld heeft geschapen.
Hume onderscheidt in NHR drie typen religie, het historisch-positieve polytheïsme, het historisch-positieve monotheïsme en het zuivere theïsme. De eerste twee vormen, die gestuurd worden door de menselijke passies en emoties, worden niet als ‘waarachtig’ beschouwd. Dit zijn verzinsels van de menselijke geest die niet voortkomen uit een rationeel onderzoek van de wereld maar uit waanbeelden. Door naar de empirische werkelijkheid om ons heen te kijken, komen we tot ware religie, dat wil zeggen tot een zuiver en rationeel theïsme dat zich niet kenmerkt door emotie.
There are no comments on this page.
Valid XHTML :: Valid CSS: :: Powered by WikkaWiki