Beeldenstorm 7 (Het Vertroosten van de Gevangenen)

In het kort

Wie? Beeldenstormers ({geboren}--{overleden})

Waar en wanneer?
Periode: Zestiende eeuw.
Context: Alkmaar, Nederland

Hoe?
Medium: Vandalisme.
Positionering: Intern.
Stijlmiddel(en): Iconoclasme.
Genre: Expressief.

Wat?
Voorwerp van kritiek: Schildering.
Doel van de kritiek: Gedeeltelijke vernieling.
Grond(en) van kritiek: Idolatrie; Politiek.



Het Vertroosten van de GevangenenAfb. 1: Meester van Alkmaar, De Zeven Werken van Barmhartigheid. 7: Het Vertroosten van de Gevangenen, 1504, olieverf op paneel, 104 x 55 cm, Amsterdam, Rijksmuseum. Onderschrift: die gevangen verlost met caritaten / het komt hier nae zy[n]der ziele te baten

Over Het Vertroosten van de Gevangenen
Tijdens de Beeldenstorm werden niet alleen beelden maar ook schilderijen beschadigd. De religiekritiek van protestanten neemt ook de vorm aan van geweld tegen kunstvoorwerpen in katholieke kerken. De beelden werden beschouwd als uiting van afgoderij of een inbreuk op waarachtige godsdienstigheid. Getroffen werd onder andere het zevenluik De Zeven Werken van Barmhartigheid. In de laatste plaats omvat het zevenluik ‘het vertroosten van de gevangenen’. Voor een hek staan stadsburgers die de gevangenen komen bezoeken met een muntje in de hand, terwijl een enkeling nog in zijn buidel graait. Aan de andere kant van het hek wordt een gevangene gegeseld, terwijl een tweede, geboeid aan de grond, angstvallig toekijkt. Met een zegenend gebaar en een wereldbol met kruis in de hand begeeft Christus zich tussen deze zondaars. Nog twee gevangenen zijn te zien door de tralies waarachter zij opgesloten zitten.

Analyse
De meest opvallende beschadiging op dit paneel is het gat dat uitgehakt werd op de plaats van de handpalm van de mannelijke bezoeker in het zwart. Hoewel niet meer te zien is wat hij precies aanbood, lijkt de vorm en grootte erop te wijzen dat dit een muntje is geweest. Hetzelfde lijkt te gelden voor de vrouwelijke bezoeker in het zwart, waarvan heel secuur hetgeen zij tussen duim en wijsvinger vasthield is weggehakt. Over de mannelijke bezoekers werd wild heen gekrast: over buidel en kledij, over gezicht, handen en voeten. Ook de beide vrouwelijke bezoekers werden volledig bekrast, met name het gezicht van de vrouw in het midden. Mogelijk werd eveneens het gezicht van de geketende gevangene belaagd.
Centraal staat in dit paneel de kritiek op de aflatenhandel. Deze is duidelijk gerelateerd aan het onderschrift dat door te schenken aan de gevangen zielenheil belooft, met name na de dood. Dit rooms-katholieke gedachtegoed ging niet hand in hand met de protestantse opvattingen van de beeldenstormers, ondanks dat barmhartigheid bij beide geloofsleren een belangrijke positie innam. Volgens de protestanten kon de ziel alleen door het geloof in God en zijn genade gered worden, vanzelfsprekend zonder dat daar aflaten aan te pas kwamen. In hun ogen verscheen het veelluik van de Meester van Alkmaar naar alle waarschijnlijkheid als een herinnering aan de goddelijke wet en de menselijke plicht, waardoor het in de Sint Laurenskerk is blijven hangen tot in de twintigste eeuw.
There are no comments on this page.
Valid XHTML :: Valid CSS: :: Powered by WikkaWiki