Demokritos

Naam
Demokritos
Pseudoniem
geen
Geboren
ca. 460 v.C. te Abdera (Noord-Griekenland)
Overleden
400/380/356 v.C. te Abdera (Noord-Griekenland)


Demokritos van Abdera (geb. 460 v.Chr., sterfdatum onzeker), was een zeer veelzijdig denker, die schreef over ethiek, wiskunde, literatuur, biologie en muziek. Het meest bekend is hij echter geworden om zijn natuurfilosofie, die hij van zijn leraar Leukippos overgenomen en uitgewerkt heeft. Het gaat om de leer van het atomisme: “alle dingen zijn atomen, en verder is er niets” (DK 68 A 57).

Atomisme

Deze atomen, oftewel ondeelbare eenheden, bewegen door een lege ruimte en botsen continu met elkaar. Door hun verschillende vormen clusteren ze zich tot dingen, mensen werelden. Er zijn oneindig veel atomen en oneindig veel werelden. Hun vorming is volstrekt toeval, dat wil zeggen: is niet op een doel gericht, maar komt voort uit de willekeurige botsingen van de deeltjes. Daarmee is het echter tegelijk volstrekt noodzakelijk: de bewegingen van de deeltjes determineren ontstaan en vergaan van de dingen met onontkoombare noodzaak.

Mensvisie

Ook de mens bestaat uit atomen. Zijn ziel, zijn levenskracht, wordt gevormd door ronde, gladde atomen die zich gemakkelijk door de andere atomen heen bewegen en zo het hele lichaam tot leven brengen en warm maken. De geest, het denken, bestaat eveneens uit ronde atomen, maar bevindt zich slechts in het hoofd. Kennis ontstaat door waarneming, waarneming doordat ‘afstroomsels’ of afbeeldingen (eidola) van de dingen in botsing komen met de straal die de ogen en oren uitzenden. Via atomenbotsingen worden de waarnemingen aan de ziel en de geest doorgegeven, die daardoor tot kennis komt en vandaaruit tot goed handelen.

Religiekritiek

Deze leer laat weinig ruimte over voor goden. Toch wil Demokritos het verschijnen van goden als fenomeen wel duiden. Hij meent dat het een soort afbeeldingen zijn die op mensen afkomen en zelfs de toekomst kunnen voorspellen, maar niet onvergankelijk zijn en geen invloed hebben op de werkelijkheid. Door deze afbeeldingen zijn mensen op het idee gekomen dat er goden bestaan; maar in feite zijn er alleen maar de afbeeldingen en bestaan er geen goden die een onvergankelijke natuur hebben (zie het exemplum). Ook meent hij dat angst voor natuurverschijnselen als donder en bliksem mensen tot geloof in het bestaan van goden bracht (DK 68 A75a) . Wie echter de werkelijke oorzaak van dit soort verschijnselen leert kennen, wordt bevrijd van de angst voor de goden en kan blijmoedig leven – dit is het doel van het leven volgens Demokritos.

Voorgangers en navolgers

De basis van Demokritos’ religiekritiek is zijn verklaring van verschijnselen uit puur fysische oorzaken. Hij ging daarin verder dan de veertig jaar oudere Anaxagoras, die weliswaar traditionele goden zoals de hemellichamen ontluisterde als slechts gloeiende steenmassa’s, maar wel uitging van een kosmische geest (nous) die de materie ordende. Demokritos ging hier fel tegen in – volgens een bij Diogenes Laërtius bewaarde anekdote omdat Anaxagoras hem niet als leerling had toegelaten (Diogenes Laërtius, Leven en leer van beroemde filosofen 9.34).

Demokritos heeft veel invloed gehad op het denken van Epicurus, de stichter van één van de grote filosofische scholen in de oudheid. Epicurus wijkt echter ook op enkele punten af van Demokritos. Zo gelooft Epicurus wel dat de goden eeuwig zijn, maar meent hij dat ze zich volstrekt niet met deze wereld bezighouden, zodat mensen geen angst voor hen hoeven te hebben. Ook beschouwt Epicurus genot als doel van het leven, in plaats van blijmoedigheid.

In de geschriften van Platonisten en christenen werd de epicureïsche leer, en daarmee ook het atomisme, tot icoon van hedonisme en goddeloosheid. In de renaissance werd hun gedachtegoed echter herontdekt. Giordano Bruno (1548-1600) gebruikte het atomisme van Demokritos om de aristotelische theologie van de katholieke kerk aan te vallen. Voor de ontwikkeling van de moderne atoomleer grepen wetenschappers als Isaac Newton en John Dalton terug op Demokritos. Demokritos’ concept van toeval als noodzaak werd gebruikt door Darwin, en Karl Marx schreef zijn proefschrift in 1841 over het verschil tussen de natuurfilosofie van Demokritos en die van Epicurus. Daarmee werkt Demokritos’ gedachtegoed dus door tot in de belangrijkste stromingen van externe religiekritiek vandaag: het neodarwinisme en het marxistische materialisme.

Voor verantwoording van de gebruikte bronnen en verdere bibliografie klik hier.
There are no comments on this page.
Valid XHTML :: Valid CSS: :: Powered by WikkaWiki